is toegevoegd aan uw favorieten.

Dynamisme en logies denken bij natuurvolken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door hen geconstateerde dynamisme telkëns weer te signaleren als een overblijfsel uit een aan het animisties geloof voorafgaand (pre-animisties) stadium. Het is echter niet deze hypothese, welke ons hier bezighoudt, maar de interpretatie van het dynamisties geloof.

Kruyt wordt nL zozeer beheerst door het denkbeeld van uitstralende krachten, dat hij deze physies neemt en aan de Toradja's het denkbeeld toeschrijft, als zou de warmte, die bij het bakken van de pot is gebruikt, bij het breken weef vrij komen. Deze warmte zou dan op de mens schadelik inwerken. En doorgaand in deze gedachtegang, verklaart hij tot een Toradjaas geloof, dat men in een enigszins zenuwachtige stemming niet genoeg magiese kracht produceert om de magiese werking van de losgelaten potwarmte te paralyseren1).

Kruyt geeft deze verklaring niet als de mening der Toradja's; het is zijn interpretatie van het measa-geloof. Een interpretatie, die teveel onwaarschijnhks heeft, om zonder meer aanvaard te worden. Het is niet aan te nemen, dat dezelfde mensen, die bij de goed-waarneembare hitte rustig hebben zitten pottenbakken, een kwade invloed vrezen van warmte, die er niet is, maar toch „losgelaten" zou worden door koude scherven.

Er moet een algemene oorzaak zijn, die mensen, zo op Celebes als op Borneo, in Amerika zowel als in Europa doet geloven aan in bizondere omstandigheden werkende „kwade invloeden". Het is immers niet aan te nemen, dat voor de honderden of duizenden gevallen van geloof in kwade invloeden telkens weer verschillende oorzaken hebben gewerkt. Het gemeenschappelike moet gelegen zijn in de algemeen voorkomende eigenschappen van de menselike geest. Inplaats van de verklaring der magiese en dynamistiese gebruiken te zoeken in de andere geestesstructuur der natuurvolken, moeten we ze trachten af te leiden uit een psyche, die in wezen aan de onze gelijk is. Alleen wanneer dit niet gelukt, zijn we gerechtigd een wezenlik andere psyche aan te nemen.

We moeten dus zoeken naar aanknopingspunten van het sial- en measa-geloof bij dergelijke voorstellingen in onze westerse maatschappij. En niet bij kinderen of krankzinnigen, maar bij normale volwassenen.

Nemen we dan het onheilspellende van het breken van een aarden pot, in geval men iets van belang gaat onderriemen.

Bij de voorbereiding van een reis, een verhuizing e. d. ver-

») Blz. 239/40.