is toegevoegd aan uw favorieten.

De pastoor van Ars

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

komsten, verklaart dat die verhalen hem stichtten en ontroerden, deden lachen en weenen door de onweerstaanbare bekoring, waarmee de heilige met zijn witte haren om het expressieve gelaat, tot in hoogen ouderdom kind gebleven naar het hart, zijn verhalen deed.

Wanneer de liefde tot God in de ziel aangewakkerd is tot een hevigen, al het eigene verslindenden gloed, ziet men dien gloed terugkaatsen met evenredige felheid in de liefde tot den naaste : zoo ook bij den pastoor van Ars. Traditioneel in de familie Vianney was de gewoonte een uitgebreide zorg te besteden aan het leger van bedelaars en noodlijdenden, dat in die tijden rondtrok langs de wegen van het groote land. Reeds de grootmoeder van den heilige bereidde eiken dag een afzonderlijk maal voor de armen en in wintertijd zag men ze in de groote keuken der boerderij aanzitten aan een langen disch, terwijl het vuur in den haard, hoog opbrandend, een verkwikkende warmte verspreidde. Zoo deed ook de moeder van Jean-Baptiste, gelijk reeds vermeld, en zij werd daarbij altijd geholpen door dezen zoon van veertien jaren. Voortdurend was hij er op bedacht aan anderen wel te doen en weg te geven wat hij zich zelf had ontzegd.

De naastenliefde van den pastoor ging op de eerste plaats tot de zondaars, zij immers waren de allerarmsten, die geestelijk niets bezaten en daarbij nog zwaar belast waren met ondeugd en zonden. Dan kwamen de misdeelden aan aardsche goederen en de lichamelijk ongelukkigen of die beide kruisen van armoede en ziekte samen te dragen hadden. Zooals de pastoor in zijn omgang met de menschen bijzonder