is toegevoegd aan uw favorieten.

Een andere dynamiek

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Wat gebeurde mij, mijne Vrienden ? Gij ziet mij verstoord, voortgedreven, onwillig-volgzaam, bereid te gaan < ach, van u allen weg te gaan ! Ja, nog éénmaal moet Zarathustra in zijn eenzaamheid : maar met onlust gaat ditmaal de beer terug in zijn hol !

Wat gebeurde mij? Wie gebiedt dit? — Ach, mijn toornige gebiedster wil het zoo. Zij sprak tot mij. Noemde ik u reeds haar naam ?

Gisteren tegen den avond sprak tot mij m ij n stilste uur: dat is de naam mijner vreeselijke gebiedster.

En zoo geschiedde het — want alles moet ik u

ze9gen, opdat uw hart zich niet verharde tegen

den plotseling scheidende !

Kent gij den schrik van den inslapende ?

Tot in de teenen toe schrikt hij ervan, dat hem de

bodem wijkt en de droom begint.

Toen sprak het zonder stem tot mij : „G ij weet het, Zarathustra?" En ik schreeuwde van angst bij dit fluisteren, en het bloed week uit mijn gezicht : maar ik zweeg.

Toen sprak het nogmaals zonder stem tot mij : „Gij weet het, Zarathustra, maar qij zeqt het niet!"

En ik antwoordde eindelijk als een trotsche : „Ja, ik weet het, maar ik wil het niet zeggen !"

Toen sprak het wederom zonder stem tot mij : „Gij wilt niet, Zarathustra ? Is dit ook waar ?