is toegevoegd aan uw favorieten.

Smakt en St. Jozef

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door is uitgegaan, Iaat zich voor het overgroote deel niet tasten en afwegen, omdat het hoofdzakelijk gewerkt heeft op het gebied van den geest en het gemoed. Wie kan de beteekenis en de waarde daarvan schatten?

In Iateren tijd zijn eveneens uit in de gemeente Venray inheemsche families merkwaardige personen voortgekomen, wier namen, ver buiten de grenspalen van hun geboorteplaats bekend en daar zelfs veel meer bekend, in de historiebladen staan opgeteekend of er zeer zeker de hun toekomende plaats zullen vinden.

De vele sagen, overleveringen en legenden stempelen het Venraysche land tot een streek met een rijke romantiek, die vanzelfsprekend haar hooge waarde had voor het geestes- en gemoedsleven der bewoners. Waar in de romantiek het religieuse element een groote kracht heeft, huizen menschen met een sterke ontvankelijkheid voor Geloof en Godsdienst. Daar worden de Heiligen vereerd.

Ook Smakt is een deel van het Venraysche land. Ook Smakt heeft zijn aandeel opgeleverd in de cultuurhistorische ontwikkeling van de streek. Het mag genoemd worden met hooge eere.

Eeuwen lang was en bleef dit gehucht verreweg het kleinste in zielental van alle gehuchten, die met het dorp samen de gemeente Venray vormden. In het Jaarboekje voor het Hertogdom Limburg voor het jaar 1847, toen de gemeente 4555 inwoners telde, staat Smakt opgeteekend met een zielental van 56. Als weggeschoven in een uitersten hoek, naar een kant, waar zich heel weinig kans op ontwikkeling en vooruitgang scheen te bieden, vertoonde het den aanblik van een in stille eenzaamheid verscholen groepje verspreid wonende en in een karig bestaan levende menschen. Denkende aan de uitverkiezing van den heiligen Jozef, krijg ik vanzelf de gedachte aan de symboliek, dat Smakt in de streek is geweest „het Huisje van Nazareth" onder de omliggende gehuchten en dorpen. Daar immers heerschte de verborgenheid voor het oog van de groote wereld, de eenvoud, als het ware de behoefteloosheid, de aanspraakIooze nederigheid. Voor Jozef, den bescheiden schamelen werkman, maar de Voedstervader van den Zoon Gods en de Be-