is toegevoegd aan uw favorieten.

Geschiedenis van Grave

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toe den zetel van ’s Hertogenbosch aan, maar hij weigerde telkens, hij bleef den Paus boven den keizer gehoorzamen. Napoleon verbood hem dan ook op straffe des doods naar Grave weder te keeren. Hij vestigde zich om die reden in 1811 bij zijn broer te Brussel. Aldaar overleed de eerbiedwaardige kerkvorst 22 Januari 1824 en werd volgens zijn uiterste wil in de St. Elisabethskerk te Grave op 27 Januari begraven. In den tijd der vervolging heeft hij duizenden gewijd en aan ongeveer een millioen geloovigen het H. Vormsel toegediend. Om in de geestelijke behoeften der zijnen te voorzien had Mgr. Van Velde reeds in 1813 Gerardus Hermans tot bisschoppelijk vicaris generaal benoemd. Na het overlijden van den bisschop werd hij met F. Consgen tot apostolisch vicaris generaal over de Nederlandsche districten van het vroegere bisdom Roermond aangesteld, welke hij vanaf 1827 alleen bestuurde, totdat hem om zijn hooge jaren in 1840 ontslag werd verleend. In datzelfde jaar werd het vicariaat Grave bij het apostolisch vicariaat ’s Hertogenbosch gevoegd.

Op 24 Mei 1806 was Lodewijk Napoleon Koning van Holland geworden. Drie jarèn later maakte deze vorst een reis langs de Maas, om ziph persoonlijk op de hoogte te stellen van de toestand de : bevolking. Gedurende twee dagen verbleef hij te Grave. Plechtig werd hij door den magistraat ontvangen. Naar oud gebruik bood de heer Giebe hem op een zilveren schenkbord de sleutels der stad aan. De vorst nam zijn intrek bij Mgr. Van Velde, zijn aalmoezenier. Nauwkeurig liet de koning zich inlichten over het financieel beheer der stad, en besprak de verschillende middelen om de verarmde burgerij weer tot welstand te brengen. Hij beloofde een groot garnizoen in de vesting te plaatsen en alles aan te wenden om de welvaart te bevorderen.

Bij beloften is het echter gebleven, want reeds in Maart 1810 werden Zeeland, Brabant en een deel van Gelderland bij Frankrijk gevoegd, omdat Lodewijk den inval der Engelschen niet had weten te