is toegevoegd aan uw favorieten.

In het rijk van zon en sterren

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOE EEN „UITSTRALINGSPUNT” ONTSTAAT

ontmoeten. Of om een voorbeeld op grooter schaal te noemen, «ouden we den lezer willen herinneren aan de bundels zonnestralen, die soms naar alle kanten schijnen uit te schieten van achter een wolk voor de «on. Iedereen heeft dat wel eens ge«ien. In werkelijkheid is er natuurlijk, gelet op de enorme afstand van de «on, geen twijfel aan, of die stralenbundels loopen allemaal mooi parallel, terwijl de perspectief er voor Zorgt, dat «e voor ons, van de onzichtbare «on uit, naar alle richtingen schijnen te stralen.

Alleen die deeltjes van de meteoorzwerm, welke toevallig recht op ons afkomen, «ien we niet als lichtstrepen, maar eenvoudig als puntjes opflitsen, en de nauwkeurigste manier om de plaats van de radiant te bepalen is juist met behulp van die afzonderlijke lichtpuntjes, die in de buurt van het uitstralingspunt opflikkeren. Deze en dergelijke waarnemingen leerden dat de radiant bij de Draconiden «ich bevond tusschen de stenen Gamma en Ksi, ofwel in de kop van het sterrebeeld de Draak, «oodat de«e hemelsche draak dus althans één keer m de loop van zijn langdurig bestaan werkelijk vuur gespuwd ^ t gelijk het goede draken toch ook betaamt.

De prachtige sterrenregen, die Humboldt in 1799 in ZuidAmerika had gezien, herhaalde zich in 1833 met nog veel grooter luister, en ook in 1866 was hij weer precies op tijdmen ziet: steeds na 33 of 34 jaar.

Nu is dat eigenlijk iets vreemds. We zouden immers veeleer geneigd zijn te meenen dat er ieder jaar — precies op het

oogenbhk waarop de aarde door de meteorenring heenvliegt

won dergelijke regen van vallende sterren te zien moet zijn. ün dat is ook werkelijk zoo. Ieder jaar op 15 November verschijnen er Leoniden. Maar van een formeele sterrenregen kunnen we bij die gelegenheden toch eigenlijk niet spreken. Het heele verschijnsel beperkt zich eenvoudig tot wat meer vallende sterren dan we doorgaans ’s avonds opmerken.

Doch van tijd tot tijd is dat anders; bij de Leoniden om de