is toegevoegd aan uw favorieten.

In het rijk van zon en sterren

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OP EEN DWAALSPOOR

van deze nieuwe sterren onthuld. Daarbij kwam het volgende onverwachte — en voorloopig nog steeds onbegrijpelijke — resultaat voor den dag, dat practisch alle novae, op het moment van hun grootste lichtsterkte, een \aarsster\te bezitten van ongeveer 25.000 zonnen.

Dit eenmaal gegeven zijnde, is het nu toch verder onmogelijk de nova-in-nevel-theorie te handhaven. Het ligt immers voor de hand dat de intensiteit der ster-opvlamming in hooge mate afhankelijk zou moeten zijn b.v. van de dichtheid van die nevel: hoe grooter deze dichtheid, hoe moeilijker de beweging van de ster zou worden en des te aanzienlijker de wrijving zou moeten zijn, en hoe sterker dus de temperatuursverhooging van het hemellichaam. Ook de snelheid

o so xoo iso aoo m aoo m «oo «go soo *no goo

•nri 11- i i i i i h h i i i i urmn-

;-VH ; "lil!

: =§^r=lEïi====EE-E====:

u —J. —Ju

» ■» W> X» M UO <K> BOO ia» «0

Lichtcurven van de Nieuwe sterren die verschenen in de Arend (bovenste), in Perseus en in de Tweelingen (onderste). De horizontale schaal geeft het aantal dagen dat verliep sinds de opvlamming.

De verticale schaal geeft de helderheid in z.g. grootteklassen.

van de ster zou natuurlijk van invloed moeten zijn: hoe vlugger de ster de nevel in loopt, hoe sterker de verhitting zou wezen.

Daarbij komt nog iets anders. We hebben boven beschreven hoe de lichtsterkte eener nova tijdens de opvlamming verandert. Voor iedere nieuwe ster die verscheen heeft men