is toegevoegd aan uw favorieten.

In het rijk van zon en sterren

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN INTERNE AANGELEGENHEID

meer gemak) vertellen kan met welke snelheid een ster zich naar ons toe of van ons af beweegt. Vooral dat meten van snelheden is een specialiteit van de spectroscoop, die niet genoeg gewaardeerd kan worden.

Ook naar een nova — of beter gezegd: naar zeer vele novae — heeft men gekeken via de spectroscoop, en wat was daarbij te zien?

Men merkte op, dat de voorkant van de ster met een snelheid van honderden, ja, soms van duizenden kilometers per seconde op ons toe ijlt, terwijl haar achterzijde tegelijk met even groote vaart van ons weg rent. De zijkanten van de sterrenbol daarentegen bewegen zich niet naar ons toe, noch van ons af, maar ze hebben een snelheid die zijwaarts is gericht.

Wat beteekent dat nu allemaal?

Blijkbaar is een ster in het novastadium op angstwekkende wijze aan het opzwellen.

Een onmiddellijk gevolg van deze opzwelling is, dat de ster tegelijkertijd aanzienlijk in helderheid toeneemt; immers Zijn lichtuitstralend oppervlak wordt zooveel grooter; en hoeveel het toeneemt is ook gemakkelijk genoeg te achterhalen, want we hebben gezien dat de Nova Lacertae opvlamde tot 25.000 keer haar vroegere helderheid, en daarvoor moet het oppervlak eveneens 25.000, dus de diameter ongeveer ISO maal grooter geworden zijn! Bij de Nova Hercuils (1934) vond men een maximale afmeting (op 23 Dec.) van 100 zonsmiddellijnen. In Januari 1935 werd de diameter nog op 70 zonsmiddellijnen geschat, terwijl deze in Maart verder tot op 12 keer de zonsmiddellijn afnam.

Aanvankelijk meende men wel dat deze steropzwelling werkelijkheid was. Volgens nieuwere inzichten, waartoe voornamelijk de Nova Herculis het hare bijdroeg, is deze opvatting echter onhoudbaar. In werkelijkheid moeten we ons voorstellen, dat slechts de buitenste lagen van de ster worden weggeblazen, het wereldruim in, en wel door de drukking

14 In liet Rijk van Zon en Sterren.