is toegevoegd aan uw favorieten.

Meditatiën over het leven en de mysteriën van Onzen Heer Jezus Christus, toegepast op het religieuze leven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vurigste wens. Doch het is niet mijn enige wens. Als ik U bemin, zoals ik moet, o mijn God, dan kan het mij niet voldoende zijn, alleen mij zelf aan uw opperste Majesteit op te dragen. Neen, dan moet ik ook vurig verlangen de harten van alle mensen voor U te winnen. Ontsteek dus in mij een heilige ijver voor uw eer en voor de komst van uw rijk, en maak dat ik uit ganser harte, volgens het doel van mijn heilige roeping uw eer tracht te bevor* deren.

2e Punt. Door de tweede vraag van het Gebed des Heren vragen wij aan God, zijn heerschappij in de Hemel te zien.

Uw Rijk kome. In de Hemel heerst God als Opperheer; daar zijn alle harten vervuld met zijn liefde en onder* worpen aan zijn wil. Allen beschouwen er zijn glorie en gevoelen een oneindige blijdschap, omdat zij Hem kennen en Hem beminnen zoveel zij kunnen, —r omdat zij zien, dat Hij van alle Engelen en Heiligen volmaakt bemind wordt. Dat geluk is niet het enige dat de gelukkige bewoners van het hemelrijk bezitten. Onderling verbonden door de ban* den van de tederste liefde, genieten zij elkanders geluk en bieden onophoudelijk den Heer hun eerbewijzen en dank* zeggingen aan niet alleen voor zich zelf, maar voor al de be* woners van de Hemel. Dat geluk leert onze goddelijke Meester ons afsmeken door de tweede vraag van het Onze Vader. — Hoe vurig en mei welke heilige verlangens moeten wij dus niet zeggen: Onze Vader, die in de Hemel zijt, uw Rijk kome! O, met welk een vertrouwen, met welk een vertroosting en vreugde zullen wij deze woorden uit* spreken, als wij bedenken dat Jezus zelf ons deze in de mond legt en ze met ons herhaalt! Er is geen wederwaar* digheid of beproeving, die voor ons niet licht zal worden, als wij met een levendig geloof denken aan het rijk van onzen Vader, dat wij geroepen zijn eeuwig met Hem te delen.