is toegevoegd aan uw favorieten.

Meditatiën over het leven en de mysteriën van Onzen Heer Jezus Christus, toegepast op het religieuze leven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zonde heerste over de aarde; de mensen richtten altaren op voor de schandelijkste driften, en stortten zich bij menigte in de eeuwige afgrond der hel. Door de menswording en vooral door de dood van Jezus zal deze heerschappij van den vorst der duisternissen vernietigd worden. De verkon* diging van het H. Evangelie heeft de duivel uit zijn tempels verjaagd, door de afgoderij te vernietigen. De kracht van de goddelijke genade heeft hem gedwongen de harten der men* sen, die hij overweldigd had, te verlaten, door ze voor Jezus Christus te winnen. Welk een erkentelijkheid zijn wij U, aanbiddelijke Zaligmaker, voor die onschatbare weldaden verschuldigd! Wat heb ik in het bijzonder U veel te danken, die aan de uitwerkselen van uw kruisdood deelachtig ben geworden, zelfs vóór ik in staat was ze naar waarde te schatten! Gij hebt mij, o Heer, in de schoot van uw H. Kerk doen geboren worden; Gij hebt mijn ziel door een menigte gunsten voorkomen; Gij houdt niet op, mij met uw kost* baarste gaven te overladen en mij voortdurend tegen de strikken van de vijand van mijn zaligheid te behoeden! O mijn Jezus, mijn Bevrijder en Zaligmaker, bestraal mij met het licht van een levendig geloof en geef, dat ik U steeds dankbaar zij voor de grote weldaad, die Gij mij door uw kruis bezorgd hebt.

2e Punt. Aan het kruis hangend, trekt Jezus alle harten tot zich en geeft Hij hun de sterkte om te lijden.

Als lk van de aarde opgeheven zal zijn, zal Ik alles tot Mij trekken. Jezus heeft ons door zijn dood de nodige genaden verworven om de duivel, den vorst der duisternissen, te overwinnen. Om die genade van overwinning te verkrijgen, moeten wij ons de vruchten van zijn wonderbare kamp tegen satan toevoegen, door ons zelf enig geweld aan te doen. Die strijd is lastig, maar de genade en de vertroostingen van Jezus geven ons moed en versterken ons daarin. Hij heeft de belofte die wij overwegen: Als Ik van de aarde opgeheven zal zijn,