is toegevoegd aan uw favorieten.

Het fascisme en de nieuwe vrijheid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beweging. Integendeel, het typische vale en grauwe leven vond men bij de kleine burgerij, bij de ambtenaartjes en de kantoorbedienden; het typische na-jagen van winst en genot en gegarandeerde onderscheiding, vond men bij de kapitalisten, bij de beroeps-intellectuelen, de hogere bureaucratie en bij die delen der middelklasse, die van de speculatie, de tussenhandel, en de afvalproducten der kapitalistische wereld leefden.

In de arbeidersbeweging daarentegen vond men de talloze „kleine werkers”, die onafgebroken, jaar in, jaar uit, zich allerlei inspanning getroostten, offers brachten, zich tevreden stelden met een sober bestaan en eigenlijk alleen in en voor de beweging leefden. Men vond daar ook vrij veel mensen, die een leven vol inspanning en verguizing en gevaar, met weinig kans op materiële beloning, gekozen hadden boven een welvoorzien en glad bestaan in de officiële maatschappij. En als men het nastreven van aardse goederen laakbaar achtte, dan moest dat toch in de eerste plaats gelden voor degenen, die reeds een zeer hoog welvaartspeil bereikt hadden, en die zich thans geen ander doel stelden, dan het opstapelen van steeds grotere schatten; het moest ook gelden voor de tallozen, die hun overtuiging verkochten of onderdrukten om zo tot weelde te kunnen geraken, in plaats van met een sober bestaan genoegen te nemen en den strijd tegen maatschappelijke misstanden te voeren.

Maar dat de grote arbeidersmassa naar verlossing uit voortdurende nood streefde, dat ze niet verhongeren wilde, noch in krotten verblijf wilde houden, dat ze aanspraak maakte op een gewaarborgd minimum-bestaan, te betalen met haar eigen arbeidsinspanning, dat valt toch moeilijk als materialistisch streven te brandmerken, behalve dan, als men de wereld zo snel mogelijk uitgestorven wenst, en ieder recht op het lichamelijk leven ontkent, terwille van de onbeperkte heerschappij van de onlichamelijke „geest”!

En toch zien we, dat het fascisme niet de kapitalisten en de leden der bezittende en heersende klasse als zijn ergste vijanden beschouwt. Hun materialisme wordt wel van tijd tot tijd afgekeurd, en het fascisme verklaart wel nadrukkelijk, dat het een einde wil maken aan de kapitalistische overheersing en dat de belangen van volk en staat, het gemeenschapsbelang, boven het eigenbelang (ook van industrieel en bankier) gaan, maar niemand kan ontkennen, dat het fascisme, zodra het in staat is de macht uit