is toegevoegd aan uw favorieten.

Electro- en verlichtingstechniek

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Q = 0,00024 Elt kcal en daar E — IR, wordt

Q = 0,00024 l2Rt kcal.

Nu is 1 kcal = 425 kgm (mechanisch warmte aequivalent) dus Q = 425 . 0,00024 l2Rt kgm.

= 0,1018 l2Rt kgm l2Rt , Elt

= kgm = "o oi kgm (mechanische arbeid)

“,81 7,81

De ontwikkelde warmte per sec. wordt dan

—— kgm d.i. het 9,81 M

mechanisch arbeidsvermogen.

Het electrisch vermogen aan den draad bedraagt E I Watt, zodat we nu kunnen stellen:

E I watt = —— kgm/sec.

9,81

1

of 1 watt = ygY kgm/sec. of 9,81 watt = 1 kgm/sec.

Nu is 1 pk = 75 kgm/sec.

zodat 1 pk = 75 . 9,81 = 736 watt = 0,736 kW. of 1 kW = = 1,358 pk = 101,8 kgm/sec.

/ 56

of 1 kWsec. = 101,8 kgm.

en 3600 kWsec. = 3600 . 101,8 = 366480 Kgm.

366480

of wel 1 kWh = = 860 kcal.

Moeten wij bijv. 1 kg water van 10° C. verwarmen tot 100° C, dan zijn hiervoor nodig 90 kcal; doen wij dit in een electrisch keteltje, dat een rendement heeft van 90%, dan moet er toegevoerd worden:

= 100 kcal. = = 0,116 kWh.

die è 4 ets per kWh kosten 0,464 ets.

Heeft het keteltje een vermogen van 600 watt of 0,6 kW, dan bedraagt de verwarmingstijd

t = — - ± 0,2 uur = ± 12 minuten.

0,6

Vermogen van enige apparaten:

strijkijzer ca 400—600 W.

geyser 1000 ,,

stofzuigermotor .... 200 „

naaimachinemotor 100 „

straalkachel 500—1000 „