is toegevoegd aan uw favorieten.

Electro- en verlichtingstechniek

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK 4.

WISSEL- EN DRAAISTROOMGENERATOREN- EN MOTOREN.

§ XIII. DE WISSELSTROOMGENERATOR.

Wisselstroomdynamo's of -generatoren leveren in tegenstelling met de gelijkstroomdynamo's, die door den collector een gelijkgerichten stroom ontwikkelen, een wisselenden stroom van een zeker aantal

perioden (frequenties) | Indien we bij een gelijkstroomdynamo in plaats van den collector 2 van elkaar op de as geïsoleerde sleepringen aanbrengen, en deze verbinden met de uiteinden . van de ankerwikke- [ ling (zie fig. 52) dan izouden we een wis- ' sel stroomdynamo krijgen.

Evenwel moet de magneetwikkeling ge¬

voed worden door een afzonderlijke gelijkstroombron.

Brengen we op de sleepringen een stel borstels aan, en drijven we het anker aan door een stoommachine, turbine of dieselmotor, dan kunnen we aan de borstels een wisselspanning meten. Sluiten we de borstels op een net aan, waarop verbruikers zijn aangesloten, dan levert de dynamo een wisselstroom.

De spanning en de stroom zijn sinusfuncties dus:

E = Emax sin “* (zie fi9- 53>

« — de hoeksnelheid van het anker — 2 nr x het aantal omwentelingen per sec.

j n

L w als n = het aantal omwentelingen per min.

Moet de wisselstroom voor verlichting dienen, dan moeten de wisselingen van dezen stroom zo groot zijn, dat zij voor het oog niet merkbaar zijn. Het aantal wisselingen moet dan ten minste 80 keer in de sec. bedragen.