is toegevoegd aan uw favorieten.

Electro- en verlichtingstechniek

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ XXVI. LUMENUITSTRALING VAN GLOEILAMPEN.

„Spiralta" lampen.

Wattopn. Volt Dim. Wattopn. Volt Dim.

8 127 5 9 220 5

15 " 12,5 16 „ 12,5

22 » 20 25 „ 20

31 n 30 33 „ 30

„Bi-Arlita" lampen.

Wattopn. Volt Dim. Wattopn. Volt Dim.

24 127 25 28 220 25

35 « 40 39 „ 40

52 » 65 58 „ 65

72 „ 100 78 „ 100

86 „ 125 100 „ 125

99 », 150 111 „ 150

Gasvullingslampen.

Watt-opname lm bij |m per W bij-

•110 Volt 220 Volt 110 Volt 220 Volt 40 475 370 11,9 9(3

60 830 680 13,8 11,3

75 1100 900 14,7 12,0

100 1500 1300 15,0 13,0

150 2650 2350 17,7 15^6

200 3600 3150 18,0 15,8

300 5700 5100 19,0 17,0

500 10500 8700 21,0 17,4

750 16500 14500 22,0 19,4

1000 21500 20000 21,5 20,0

1500 32500 30500 21,6 20.3

2000 44000 41500 22,0 20,7

3000 67000 65000 22,3 21,7

§ XXVII. HET RENDEMENT VAN DE VERLICHTING.

Moeten we met enige armaturen een oppervlak op een bepaalde verlichtingssterkte verlichten, dan dienen we nog het rendement van het armatuur en zijn omgeving te kennen. Immers zal de lamp niet alle uitgestraalde lumens op het te verlichten oppervlak werpen. Door de constructie van het armatuur, de kleur en vorm van plafonds en wanden zal slechts een gedeelte van de uitgestraalde lumens het te verlichten oppervlak treffen.

Dit rendement varieert van 5 tot 65%.