is toegevoegd aan uw favorieten.

Echtgenooten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

betrekking te komen. Als iemand, die de andere menschen en hun problemen doorzag, maakte hij een ongeduldig handgebaar. „Dat zullen we nog wel zien,” zei hij vermoeid en verdiepte zich in zijn gedachten. Die jeugd van tegenwoordig leefde in een heel andere wereld, dacht hij. Hoe verward, in zijn heele wezen geschokt was hij destijds geweest, toen hij voor baron Lipot. Gorsky stond en om de hand van zijn dochter vroeg! Deze jongeman sprak nonchalant, bijna onbeschaamd, overfinancieele kwesties ... Er was geen poëzie meer in het tegenwoordige leven, stelde hij bij zichzelf vast en drukte werktuigelijk op den belknop. Hij zei den knecht, Antonia te roepen.

Totdat Antonia, vergezeld van haar moeder, de kamer binnenkwam, zaten zij zwijgend tegenover elkaar. De twee dames gingen zitten. Ida hield de hand van Antonia vast.

Haller sloot vermoeid zijn oogen. „Ik heb de aangelegenheid met meneer Bittó besproken,” zei hij en zuchtte. „De volgende week zal de verloving praats vinden en daarna zal het huwelijk zoo spoedig mogelijk voltrokken worden. Heb je nog den een of anderen specialen wensch, Antonia?”

Antonia stond op. Haar gezicht was nat van tranen.

„Het spijt mij ontzettend, dat ik ongehoorzaam moet zijn, vader,” zei zij, „maar ik wil de vrouw van Zoltan niet worden.”

„Maar wat wil je dan?”

„Ik verzoek je, mij met moeder samen naar het buitenland te laten gaan en liefst voor zoo lang mogelijk.”

„Waarom?”

„Ik wil alles vergeten, wat hier gebeurd is. Vind je het nu goed, dat Zoltan weggaat? En Zoltan verzoek ik, mij het vergeten mogelijk te maken.”

Zij keek den jongen man streng aan. Het gezicht van Zoltan werd vuurrood. Hij trachtte nog volgens zijn gewoonte te glimlachen, maar de glimlach verwrong zich op zijn gezicht tot een grimas. Hij stond op, zijn blik vloog hulpzoekend van den een naar den ander, toen maakte hij een buiging, zei hard: „Goeden avond!” en ging de kamer uit. Toen de knecht hem in zijn overjas hielp, viel het hem in, dat hij zijn sigarettenkoker op de tafel in de eetkamer had laten liggen. Nou dan blijft die daar maar, dacht hij en ging de deur uit.

„Heb je je aanstaande eruit gesmeten?” vroeg Haller spottend.

Antonia snikte.

„Ga een beetje liggen, kind,” zeilda, „straks word jenogziek.”

Antonia ging snikkend de kamer uit.