is toegevoegd aan uw favorieten.

Echtgenooten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Over welke kwestie?”

„Over de vraag, hoe wij eigenlijk tegenover elkaar staan. We leven hier naast elkaar... jij noemt het een gevangenis, goed, voor mijn part is het dat ook ... maar per slot van rekening zijn wij volwassen menschen, niet eens zoo jong meer en ook niet pas getrouwd, maar we zijn gezond, bovendien zijn we man en vrouw, en toch leven we hier naast elkaar, of we...”

„Waarom moeten we daarover praten, Zoltan?”

„Over wat in orde is, hoef je niet te praten. Maar over wat niet in orde is, moet je praten. En deze zaak is niet in orde.

„Waarom niet, Zoltan?”

„Omdat we afgesproken hebben, dat we oprecht zouden zijn tegen elkaar. En durf jij beweren, dat je altijd oprecht bent tegen me? Waarom vertel je dan niet, waar de verwijdering tusschen ons begonnen is en wat we moeten doen om alles zoo te laten worden als het vroeger was? Je zei daarnet, dat je niet wist, dat ik hier zou komen. Heb je niet op mijn bezoek gerekend? Moet ik me soms eerst aanmelden? Als ik onverwachts kom, huil je. Waarom is dat? Is het dan niet natuurlijk, dat een man zijn vrouw zoent?”

„Zoen me dan. Hier ben ik.”

„Ja, daar ben je als een offerlam, als een slachtoffer, dat haar plicht vervult. Je protesteert niet, je huilt alleen en duldt lijdzaam en doet of je met de heele zaak niets hebt uit te staan! Je wilt toch niet beweren, dat je op me wacht! Wacht jij op me? Verlang jij naar hetzelfde als waar ik naar verlang? Wil je dat ik kom en je zoen, of niet?”

Antonia trok de deken weer over zich heen. Ze glimlachte, maar in haar oog schitterde nog een traan.

„Ik zou het prettig vinden, als je tevreden was,” zei ze met een zachte stem. „Daarvoor zou ik alles willen doen.”

„Dat weet ik. Maar hou je ook van me?”

„Hoe kun je dat vragen? Ik leef alleen voor jou, ik heb mets anders in mijn leven, dan jou. Voel je dat^niet?”

„Maar hoe is het dan mogelijk, dat je ...”

sjDat weet ik niet, Zoltan. Maar we kunnen er wel achter komen. Laten we er eens over praten, laten we de dingen eens onder de oogen zien. Sinds we een nieuw leven begonnen zijn, ben ik... ben ik een beetje bang.”

„Bang, voor wat?”

„Voor jou. Voor de liefde. Voor alles wat daarmee m verband staat. Ik lag eiken nacht op jou te wachten... ik dacht dat