is toegevoegd aan uw favorieten.

Zelf aan de camera

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sterk diafragmeren en zij vergroten de beeldhoek van normaal 60°—90° tot ± 135°. Zij verkleinen de lichtsterkte en dienen voor interieurs. De dieptescherpte wordt verhoogd.

Telelenzen maken de brandpuntsafstand groter, zij verkleinen de lichtsterkte en worden gebruikt voor voorwerpen op grote afstand (maan enz.).

De voorzetlenzen worden met de holle zijde naar het objectief van het fototoestel aangebracht. Lenzen welke beslaan, moet men niet afvegen. Wacht tot de waterdamp vanzelf wegtrekt. Reinig alleen met zijden doekjes!.

Dieptescherpte.

Onze lens is verziende, d.w.z. alles wat zich dichtbij bevindt, is wazig en onscherp, maar wat veraf ligt, is scherp tot éen zekere grens. Met het diafragma kunnen we de voorwerpen op een bepaalde afstand binnen zekere grenzen scherp krijgen.

Bij de kleinere diafragma’s moet men langer belichten en wel moet men rekenen, dat bij elke volgende opening de belichtingstijd verdubbeld moet worden.

18

B.v. een landschap wordt bij zonnig weer met — DIN film:

F = 1:4.5 1:6.3 1:9 1:12.5 1:16

t sec 1/200 1/100 1/50 1/25 1/10

Een foto met even scherpe voor- en achtergrond is niet altijd mooi, b.v. een kind voor een muur of bloeiende struik moet een scherp portret en onscherpe stenen of bladermassa als achtergrond hebben, hetzelfde geldt voor dierenopnamen. (Maar interieur moet in voor- en achtergrond altijd scherp zijn!) Onderstaande tabel geldt voor 6.3 lens met 10.5 cm brandpunt.

6.3 8 11 16 32

Af. Lens vol

stand open ,

Scherp Scherp Scherp Scherp Scherp

van tot van tot van tot van tot van tot

<n> 18.00—t'o 14.00—oo 10.00—oo 7.00—<v> 3.20—«vj

4 m 3.40—4.80 3.25—5.30 3.00—6.00 2.75—7.80 2.00—50.00

3 m 2.60—3.50 2.50—3.70 2.50—4.00 2.20—4.90 1.80—28.00

2 m 1.80—2.25 1.80—2.30 1.70—2.40 1.60—2.70 1.40— 4.20

l£m 1.40—1.60 1.40—1.60 1.30—1.70 1.35—1.80 1.10— 2.30

1 m 0.95—1.05 0.95—1.05 0.93—1.09 0.90—1.15 0.80— 1.30