is toegevoegd aan uw favorieten.

Het keizerlijke Weenen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

digheid en de roeping van het huis Habsburg. Van eenige wederzijdsche sympathie kon uiteraard geen sprake zijn en zelfs kan men zeggen, dat de nu ruim tachtigjarige Keizer een heimelijke vrees koesterde voor den neef, die de vijftig reeds naderde. Slechts zelden reed Frans-Ferdinand in Schoenbrunn voor, maar wanneer hij kwam, liet hij nimmer na op een toon, die geen tegenspraak duldde, allerlei ingrijpende hervormingen te eischen, waartegen Frans-Joseph niet meer de kracht had zich te verzetten. Men mag den aartshertog deze harde, koele wijze van optreden tegenover den Keizer verwijten, het zal mogelijk de eenige manier zijn geweest invloed op den ouden heer uit te oefenen. Grondige hervorming van leger en vloot, vernietiging van de in 1867 aan Hongarije verleende autonomie, vormden de hoofdpunten in FransFerdinands politiek programma.

„Weg met al de prerogatieven van de Hongaren!”, zeide hij eenmaal tot den minister-president Koerber, „ze zijn een nationaliteit als ieder ander en zullen niet meer rechten hebben dan de Tchechen, Kroaten, Polen, Roemenen en Slaven, die er naar verhouding veel te weinig bezitten. Het zal een van mijn voornaamste opgaven zijn deze vraagstukken, vooral het Slavische, naar recht en billijkheid op de lossen en voor alle volken de mogelijkheid te scheppen tot een gezonde ontwikkeling binnen de grenzen van de vereenigde monarchie. Zijn de Hongaren daar niet mee tevreden, dan zal ik ongetwijfeld het vlakgom vinden om hen daarmee van de kaart te doen verdwijnen, daar ben ik volstrekt niet bang voor!”

In deze houding deed zich duidelijk de invloed van zijn Slavische gemalin kennen.

„Zonder zijn vrouw zou hij vermoedelijk een zeer goed heerscher worden”, zeide de toenmalige Amerikaansche gezant veelbeteekenend. Maar die vrouw was er nu eenmaal en zij was de eenige, naar wier raad Frans-Ferdi-