is toegevoegd aan uw favorieten.

De moderne staatsgedachte in het licht der jongste encyclieken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Iaden met alle chaos der duizendtallen van jaren. Waarden en zeden en gebruiken, welke nog schenen te leven, zonken weg, zijn ook innerlijk reeds overwonnen, slechts een zonder richting gebleven massa bidt nog tot de bouwvallen der oude afgodentempels. Uit het puin verheffen zich echter thans machten, welke begraven schenen, welke voor een nieuw levens- en tijdgevoel strijden. De nordische ziel begint weder, van haar centrum, het eerbewustzijn, uit, te werken. En zij werkt geheimzinnig, gelijk toen zij Odin schiep, toen eens de hand van Otto den Groote te bespeuren viel, toen Bach in tonen dichtte, toen zij Meester Eckhardt voortbracht, toen Frederik de Groote over de aarde schreed. Een nieuwe tijd der Duitsche mystiek is aangebroken, de mythe van het bloed en de mythe van de vrije ziel, ontwaakt tot nieuw, bewust leven.”

In deze gedachtenwereld is geen plaats voor de erkenning van den Middelaar uit het Evangelie. Een nieuwe godsgedachte is uitgevonden; het Christendom is voor den Ariër een „Fremdreligion”. Wij beleven, aldus het Nationaal-Socialisme, de „Germanisierung van het Christendom, waardoor een einde gemaakt wordt aan een tweeduizendjarige geschiedenis van het dualisme tusschen goed en kwaad. De verlossing, welke de Communist in de toekomst ziet, beleeft de Nationaal-Socialist thans reeds, in wat Hitler noemt het natuurlijk regeneratieproces der rassen. Hauer, de voorman van de Deutsche Glaubensbewegung constateert, dat niet slechts duizenden jaren terug de openbaring plaats greep. „Wij staan er midden in. Zij geschiedt aan ons en door middel van ons, wanneer wij ons met goeden wil vereenigen met God, die niet ver van ieder onzer af staat en die ook heden met kracht schrijdt door het gebied en de geschiedenis van ons volk. En op een andere plaats in zijn boek: Deutsche Gottschau; Grandzüge eines Deutschen Glaubens, leest men: „Niets ligt hem (den deutschglaubigen mensch) verder, dan den sluier van dit geheim (het leven na den dood) te willen verscheuren. Alle heimwee naar de toekomst zinkt weg in zijn geloovige overgave aan het oogenblik.