is toegevoegd aan uw favorieten.

In dienst van de liefde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De veertigdaagse vasten houdt ze trouw. Nooit, ook niet bij het middagmaal, gebruikt ze in die tijd vlees. Als er vlees op tafel komt, neemt ze haar portie, maar eet er niet van. Tegen de avond brengt ze dat naar een armen man in de buurt, met nog andere dingen, die hij nodig heeft. Voor hem en voor andere armen weet ze vaak iets van het hère op zij te leggen. Dit is voor haar ijver nog niet genoeg. Ze zoekt naar middelen, om nog meer de versterving te kunnen beoefenen. Een koord, doorvlochten met ijzeren punten, dat zij zelfs bij zwaar werk draagt, geeft haar daartoe de gelegenheid. Een nicht van haar, tevens intieme vriendin, komt op zekere dag toevallig achter dit geheim. Een tijdje daarna gaat Helena met enige meisjes uit Rollesbroich, naar de kermis te Lammersdorf. ’s Avonds komt het hele troepje in de opgewektste stemming terug. Natuurlijk gaat dat niet zonder nu en dan eens gezellig met elkaar te stoeien. De nicht merkt op, hoe Helena de stoeiende meisjes ontwijkt en ook, dat haar gezicht, nu en dan, zonder het te willen, enigszins pijnlijk vertrekt. „Dus ook op de kermis!” denkt ze.

Op zekere dag is Helena aan 't hooien. Muggen en vliegen omzoemen haar. Daar valt 't haar in, dat het een mooie versterving zou zijn, uit liefde tot Jezus elke muggen- en vliegensteek te verdragen, 's Avonds komt ze thuis. Haar gezicht is rood en gezwollen. Verschrikt kijkt moeder haar aan. „Kind wat heb je toch gedaan?” „De muggen en vliegen laten steken”, is het eenvoudige antwoord. Helena vermoedt niet, dat moeder, die haar eerst berispen wil, haar woorden inhoudt, omdat ze zich plots bewust wordt, de grote, de sterke liefde die 't hart van haar kind vervullen moet, om tot zulk een boetepleging in staat te zijn.

Inderdaad. Liefde is de grote stuwkracht in het leven van Helena. Uit liefde tot God, wijdt ze zich aan Hém voor heel haar leven. Uit liefde weet ze heldhaftig te gehoorzamen. Die liefde drijft haar naar de kerk, doet haar verzuchten naar vereniging met Jezus in de H. Communie, maakt haar onvermoeid en nauwgezet bij het werk en zoekt na vasten en boetepleging, nog naar gelegenheid meer te kunnen geven.

Die gelegenheid vindt ze voortdurend in het gezin, waar zij het voorbeeld is van kinderlijke eerbied, liefde en gehoorzaamheid