is toegevoegd aan uw favorieten.

In dienst van de liefde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nu ga doen is me buitengewoon moeilijk. Wij allen hebben in heilige liefde met elkaar geleefd. Alle zusters hier en in de missie zijn me, als het ware, aan het hart gegroeid en ik heb vele en duidelijke bewijzen dat zij ook mij van harte liefhebben. De gedachte echter dat het zó Gods H. Wil is, zal mij kracht en sterkte verlenen. Ik Verheug er me wel op, dat ik nu in de toekomst een waar gebedsleven mag leiden. Denk echter niet, lieve Zusters, dat U mij minder dierbaar zult zijn. Neen, ieder vrij ogenblik zal ik hart en handen voor U ten hemel heffen, opdat de goede God Uw werk in de missie zegenen mag, opdat U vele zielen voor Hem moogt winnen en U zelf moogt toenemen in heilige liefde tot God en in oprechte liefde jegens elkaar. Dit laatste zou ik graag alle zusters nog eens op het hart willen drukken. Streven wij er toch allen naar onze medezusters van harte te beminnen.

Als bekoringen tot afgekeerdheid of tot dergelijke fouten ons overvallen, letten wij dan op ons zelven. Verwekken we spoedig tegenovergestelde akten van zusterlijke liefde. Laat ons er over nadenken, welke liefdediensten wij de zusters en de kinderen het beste kunnen bewijzen. Vaak en gaarne moeten wij het schietgebed bidden: „Jezus, zachtmoedig en ootmoedig van harte, maak mijn hart gelijkvormig aan het Uwe." Lieve Zusters, wat is U gelukkig dat U in de Missie in de voetstappen van den Zaligmaker moogt treden. Hij was de laatste drie jaren van Zijn leven een echte missionaris. Hij moest soortgelijke offers brengen die van U in de missie gevraagd worden. Denkt daar dikwijls aan en doet alles in vereniging met Jezus en met het oog op Hem.

Nogmaals, lieve Zusters, ik treed over naar de Slotzusters, omdat ik meen dat het zó Gods H. Wil is. Ik acht en bemin de roeping van missiezuster zoals altijd. Niet de staat is het die ons heilig maakt, maar de wijze waarop wij er in leven. Ik weet niet hoe het in de toekomst zal gaan met mijn correspondentie. U weet, als novice moet men nederig en gehoorzaam zijn. Maar als U, lieve zusters, mij 'n keer schrijft, zal de Eerw. Zuster Overste mij wel verlof geven U te antwoorden.

Nu, lieve Zusters, bidt voor mij dat ik echt nederig en gehoorzaam word, en ijverig ben bij het gebed. Bidt dat ik niets Zoek en niets verlang dan den goeden God en datgene wat tot