is toegevoegd aan uw favorieten.

Examenopstellen assistentscursussen 1923-1937

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

62. — Hoe zoudt gij iemand helpen, die inlichtingen vroeg betreffende de oude en de nieuwe levensbeschrijvingen van een of anderen middelëeuwschen heilige ? (1927).

63. — Hoe licht gij iemand in, die zich wenscht te oriënteeren over de geestelijke stroomingen van dezen tijd ? (1928).

64. ■— Iemand vraagt inlichtingen over de literatuur betreffende een folkloristisch onderwerp. (1927).

65. — Iemand wenscht, alvorens een reis naar Italië te maken, literatuur over het land. (1929).

66. — Een ambachtsschool-leerling (timmerman, machinebankwerker, electricien), juist gediplomeerd, wenscht inlichting op welke wijze hij zich verder kan ontwikkelen door vakliteratuur. (1925).

Vragen als bovenstaande, gemakkelijk met andere te vermeerderen, zijn bedoeld als oefening in het leeren opzoeken van literatuur en beoordeeling van het meest geschikte.

67. — Stel een lijst samen van de voornaamste nederlandsche seriewerken, verschenen tusschen 1900 en 1925 (— 1937). (1925).

68. — Stel een lijst van minstens 12, hoogstens 18 boeken samen voor de wachtkamer van een geneesheer (1932).

69. — Stel een lijst samen van 30 romans voor leden eener meisjesvereeniging van 18 tot 25 /aar. Naar keuze: in een groote stad of op het platteland; katholiek, gereformeerd, vrijzinnig religieus, socialist of zonder bepaald omlijnde levensovertuiging. (1931).

Vragen als bovenstaande, gemakkelijk met andere te vermeerderen, zijn bedoeld als oefening in het oordeelkundig kiezen van, aan een bepaald doel beantwoordende, lectuur. Verondersteld wordt, dat gij uwe keuze beknopt motiveert.

70. — Waar kunt gij de opeenvolgende stadia van het tot stand komen van een wet vinden; en in welke wetsverzamelingen den tekst er van opzoeken? (1925).

71. — Welke literair-kritische kronieken in nederlandsche maandbladen zijn U bekend? Geef van een 8-tal een beknopte karakteristiek. (1932).