is toegevoegd aan uw favorieten.

Examenopstellen assistentscursussen 1923-1937

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

72. — Welke 20 werken zoudt gij bij de oprichting van een middelgroote O.L.B. op het gebied der nederlandsche letterkundige geschiedenis het eerst aanschaffen? (1926).

73. — Noem 12 boeken (waarvan 3 romans), die elk het platteland van een bepaald punt belichten; voor zie Uw opgave van annotaties. (1932).

' 74. — Noem 12 romans, die een kinderleven als gegeven hebben; geef van elk een karakteristiek in hoogstens 150 woorden. (1928).

Vragen als bovenstaande, gemakkelijk met andere te vermeerderen, zijn bedoeld als oefening in "bronnenkennis” en "boekenkennis”.

75. — De roman in de O.L.B. (1924; 1925).

1. Dé vraag laat mogelijkheid open voor verschillende beantwoordingen. Het onderwerp is daarbij zóó veelomvattend, dat gij U het best beperkt tot eenig afgerond onderdeel. ■— 2. Bijvoorbeeld: is het beschikbaar stellen van romans door O.L.B. te verdedigen (zie vraag 76; O.L.B. en huurbibliotheken); de vormende waarde van romanlectuur (zie vraag 77 en 78); het gehalte der roman, waartoe een O.L.B. zich moet beperken (moraal, smaakbederf, literaire waarde, afleiding, enz.); de O.L.B. ten opzichte van klassieke, oudere, nieuwere en nieuwste romans; roman-classificeering (zie vraag 79); romanlectuur en ontwikkelingslectuur (zie vraag 60).

76. — „lmaginative literature should occupy a foremost place in public libraries”. (]. D. Brown). Wat is Uw meening? (1931).

1. "lmaginative literature”, — dus allereerst de roman •— vult leegten aan, die de realiteit schept. Ga eens na, welke leegten studie, werkkring, levenstekort, geestelijke traagheid achterlaten. Welke compensatie de roman hier kan geven. — 2. Stel de vraag, of 'het op den weg der maatschappij en der overheid ligt deze compensatie van een persoonlijk tekort te helpen verschaffen; of dat dit een zaak is waar ieder voor zich zelf in moet voorzien. — 3. Komt gij tot de slotsom, dat de maatschappij en de overheid zich hier niet kan (mag, behoeft) te onthouden, — en uit welke motieven, —- overweeg dan vervolgens, of in de O.L.B. aan de roman een "foremost place” toekomt. — 4. Belangrijk voor nederlandsche verhoudingen en toestanden is ten slotte de vraag, waar de grenzen liggen van het literair en moreel nog verdedigbare.