is toegevoegd aan uw favorieten.

Ik, Claudius

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Deiphobe, die dikwijls door Augustus geconsulteerd werd, opvolgde, en voor Amalthea, die nog leeft en zeer beroemd is, waren er bijna driehonderd jaar slechts zeer povere Sibyllen geweest. Het hol ligt achter een aardig Grieks tempeltje, gewijd aan Apollo en Artemis — Cumae was een Aeolisch-Griekse kolonie. Er is een oude vergulde fries boven de zuilengang, die toegeschreven wordt aan Daedalus, hoewel dit klaarblijkelijk onjuist is, want de fries is zeker niet ouder dan vijfhonderd jaar en Daedalus leefde ten minste elfhonderd jaar geleden. Zij stelt de geschiedenis voor van Theseus en den Minotaurus, dien hij doodde in het Labyrinth van Creta. Vóór mij werd toegestaan, de Sibylle te bezoeken, moest ik een jongen os en een ooi offeren, respectievelijk voor Apollo en voor Artemis. Het was koud December-weer. Het hol was een verschrikkelijk oord, uitgehouwen in de rots, de toegang was steil, kronkelig, pikdonker en vol vleermuizen. Ik was er vermomd naar toe gegaan, maar de Sibylle herkende mij. Mijn stotteren moet mij verraden hebben. Als kind stotterde ik verschrikkelijk en hoewel ik, door den raad van specialisten in de welsprekendheid te volgen, langzamerhand leerde, mijn praten te beheersen bij bepaalde openbare gebeurtenissen, toch kan het mij, hoewel minder dan vroeger, in particuliere en onvoorziene omstandigheden ieder ogenblik overkomen, dat ik over mijn eigen tong struikel en dat gebeurde ook in Cumae.

Ik kwam in het binnenste hol na moeizaam op handen en voeten de trappen op gesukkeld te zijn en zag de Sibylle, die meer op een aap dan op een vrouw leek en op een stoel zat in een kooi, die aan den zolder hing, met rode kleren en doffe ogen, die rood schenen in den roden lichtbundel, die van ergens hoog naar beneden scheen. Haar tandeloze mond grijnsde. Er was een lijkenlucht om mij heen. Maar ik slaagde er in, de begroeting, die ik had voorbereid, er uit te brengen. Zij gaf mij geen antwoord. Pas enigen tijd later hoorde ik, dat dit het gebalsemde lichaam van Deiphobe was, de vorige Sibylle, die kort geleden in den leeftijd van honderdtien jaar was overleden; haar oogleden werden opengehouden door glazen knikkers, die van achteren verzilverd waren om ze te laten schijnen. De heersende Sibylle woonde altijd samen met haar voorgangster. Hoewel ik slechts een paar minuten voor Deiphobe moet gestaan hebben, rillend en gunstig