is toegevoegd aan uw favorieten.

Ik, Claudius

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XIII

AUGUSTUS was meer dan zeventig jaar oud. Tot kort geleden had niemand aan hem gedacht als aan een oud man. Maar deze nieuwe algemene en persoonlijke onheilen veroorzaakten een grote verandering bij hem. Zijn stemming werd onzeker en het werd hem hoe langer hoe moeilijker toevallige bezoekers met zijn gewone beminnelijkheid te begroeten of zijn geduld te bewaren bij publieke banketten. Zelfs tegenover Livia was hij nu en dan kort aangebonden. Niettemin zette hij zijn werkzaamheden, nauwgezet als altijd, voort en zelfs aanvaardde hij nog eens voor tien jaar de alleenheerschappij. Als Tiberius en Germanicus in de stad waren, vervulden zij veel verplichtingen voor hem, die hij vroeger zelf waargenomen zou hebben. En Livia werkte harder dan ooit. Tijdens den Balkanoorlog bleef zij in Rome terwijl Augustus afwezig was en, gewapend met een duplicaat van zijn zegel en in nauw contact met hem door boodschappers te paard, had zij alles zelf geregeld. Augustus raakte min of meer verzoend met het vooruitzicht, dat Tiberius hem zou opvolgen. Hij achtte hem in staat om met Livia s hulp een redelijke regering te voeren en zijn eigen politiek voort te zetten, maar hij vleide zich ook met de gedachte, dat iedereen den Vader des Vaderlands zou missen, als hij dood was, en dat men zou spreken van het Augustijnse tijdperk, zoals er gesproken werd over het Gouden tijdperk van koning Numa. Niettegenstaande zijn grote verdiensten voor Rome was Tiberius persoonlijk niet populair en hij zou het zeker ook niet worden als hij keizer was. Het was een voldoening voor Augustus, dat Germanicus, die ouder was dan Castor, zijn adoptief-broeder, Tiberius’ natuurlijke opvolger zou wezen en dat de jonge zoons van Germanicus, Nero en Drusus, zijn eigen achter-kleinzoons waren. Al had het lot beslist, dat zijn kleinzoons hem niet zouden opvolgen, hij zou zeker eens als het ware wéér regeren in de perso-