is toegevoegd aan uw favorieten.

De cyclus van de vrouw in verband met het huwelijksleven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

10. BEVRUCHTING EN NESTELING VAN HET EI (NIDATIE). HET ENDOCRINE STELSEL GEDURENDE DE ZWANGERSCHAP.

Wanneer het ei in de tube is gekomen, dan kan het door een zaadcel worden geimpregneerd. Hierbij speelt de spermatozoïde een actieve rol. Ze doorboort de eicel met den kop naar voren. Daarna treden in de eicel talrijke veranderingen op (fig. 36). Aan den eenen kant vormt zich een spermakern, aan den anderen een eikern. Later ontwikkelen zich uit sperma- en eicelkern V-vormige chromosomen, die samen een spoelvormig lichaam in de eicel vormen. Vervolgens smelten deze chromosomen samen, de bevruchte eicel begint zich te deelen en in de op deze wijze ontstane nieuwe cellen bevinden zich zoowel deelen van de ei- als van de spermakern. Deze cellen deelen zich weer in 4, deze weer in 8 enz. Ten slotte vormt zich een orgaan, dat op een framboos gelijkt en morula wordt genoemd.

Het bevruchte ei wordt door de peristaltische spierbeweging van den eileider naar de baarmoeder gedreven. Gedeeltelijk geschiedt dit ook door de wimperharen van het eileider-epitheel.

Tijdens het 'morulastadium scheidt zich een buitenste laag van de overige cellen af. Deze buitenste laag, het trophohlast, hecht zich met haar hechtdraden in het verdikte baarmoederslijmvlies, dat nu niet meer endometrium, maar decidua wordt genoemd. Op deze wijze wordt de eerste verbinding tusschen moeder en kind tot stand gebracht en voor de voedselvoorziening van het bevruchte ei gezorgd. Uit deze embryonale oercellen ontwikkelt zich het embryo en ten slotte het kind. De embryonale cellen vormen drie kiemblaadjes, die zich later sluiten.

Eerst zijn de chorionvlokken over de geheele oppervlakte van het zich nestelende ei verdeeld. Tegen het eind van de tweede zwangerschapsmaand beginnen de vlokken, die tegen den baarmoederwand liggen, zich sterker te ontwikkelen en vormen den moederkoek of placenta, terwijl de vlokken in de baarmoederruimte zwakker worden (fig. 38). Aan het eind van de derde maand zijn ze geheel verdwenen en het gladde omhulsel van het ei ligt dan tegen den binnenkant van den baarmoederwand aan. Op de plaats, waar de moederkoek zich bevindt, ontstaat een innige verbinding tusschen chorionvlokken en decidua. De bloedvaten worden wijder en er ontstaan in den moederkoek grootere ruimten met bloed gevuld, in welke de chorionvlokken zwemmen. Op deze wijze komt een uitwisseling van voedingsstoffen en gassen tusschen moeder en kind tot stand. Zoo worden

Cyclus. 7