is toegevoegd aan uw favorieten.

Spel van vier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Wat een spitsvondigheid!"

„Volstrekt niet. Ik constateer eenvoudig een feit."

„Zouden we niet op de teekeningen terugkomen?" Je hebt zeker nog wel wat anders te doen ook vanmiddag?"

,,'t Is een stille dag op kantoor," ironiseerde hij. „En waarom zouden we niet één keer vertrouwelijk kunnen praten?"

„Ik zie er 't nut niet van in."

„Misschien is 't heel nuttig. Nu ik jou weer spreek af en toe... nu krijg ik er behoefte aan, de vroegere dingen van een afstand te bezien. Met jou samen."

„Waartoe zou dat dienen? Een afgesloten verleden."

Zijn hand verschoof een blad papier op tafel.

,,'t Js afgesloten," gaf hij toe. „Maar 3t heeft invloed op ons gehad, er blijft iets van hangen, dat kunnen wij geen van beiden verhinderen. Daarom juist moeten wij er over praten, om het heelemaal te overwinnen."

„Bij mij is 't overwonnen," zei Rita haastig.

„Ja, dat geloof ik wel. Omdat jij er ongelukkig in was."

„Jij ook."

„Maar op een andere manier. Ik wenschte nooit, dat je van mij weg zou gaan, dat weet je."

„Waarom 't op te halen?"

Hij bracht zijn gezicht dicht bij 't hare; haar adem streek langs zijn wang. 't Verwarde hem, riep herinnering op aan 't moment in de nacht, toen hij, Noes omhelzend, Rita's adem meende te voelen.

„Ik moet 't ophalen," viel hij driftig uit; „omdat ik er anders in stik!" en deinsde terug in verwondering. Waarom zei hij dat? Hoe kwam hij er bij, 't zoo te voelen?