is toegevoegd aan je favorieten.

Spel van vier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

!

Lé zei, geen klagen te hebben, de inkoopsprijzen vielen mee. Toch zijn er allerlei moeilijkheden met de contingenteeringen en zoo... ik weet 't allemaal niet precies. Als Lé er al te veel over praatte, probeerde ik hem af te leiden; maar 's nachts lag hij te tobben. En dan was hij 's morgens moe en prikkelbaar."

„Ja, dat ken ik van hem," zei Rita.

„Nu ja..." Noes glimlachte vergoelijkend, moederlijk bijna. „De bui dreef gauw weer over. 't Was goed, dat ik bij hem was: dat zei hij zelf ook."

Rita keek haar zuster aan.

„Ja Noes, dat was goed," bevestigde zij nadrukkelijk. „Komt Leo je vanavond halen met de wagen?"

„Nee. Hij heeft geen tijd. Ik ga met de trein terug."

„Kun je niet tot morgen blijven?"

„'k Heb afgesproken, vanavond thuis te komen."

Noes liet zich opnieuw achterover zakken, lag stil, met gesloten oogen.

Waarom zei Rita zoo ernstig: ja Noes, dat was goed? Zocht Leo vroeger op reis avonturen met andere vrouwen? Was 't bezorgdheid van Riet voor haar? Onnoodig! Lé was blij geweest, haar bij zich te hebben. Noes liet momenten van hun samenzijn op reis langs haar verbeelding trekken: van haar aanpassingsvermogen was veel gevergd. Ze herinnerde zich nachten, waarin Leo haar geen oogenblik uit zijn armen liet, gevolgd door andere, waarin hij onverschillig deed, koud, moe en uit de hoogte.

Had Rita dit alles vroeger ook ondervonden? En hield ze zoo weinig van Leo, dat ze daarom van hem was weggegaan? Zij hield er temeer om van hem, voelde