is toegevoegd aan uw favorieten.

De drie dwazen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de jaren daarvoor. Ik ben bijna mijn kamer niet meer uit te slaan, uit dit huis verjagen ze me nooit weer. Het ergert me zelfs als het uur slaat, dat ik naar de Aert van Nesstraat moet, of wanneer ik er op uit moet om mijn doeken aan den man te brengen." Carolien lachte blijmoedig. Ze zag er jonger uit dan ooit; haar oogen glansden als die van een echte jonge vrouw, in haar laat gekomen huwelijksgeluk. „Maar," bemerkte ze vermanende, „je mag niet al te veel een huismusch worden, dat weet je wel. Je gezondheid heeft ook haar eischen; beweging en frissche lucht heb jij met jouw gestel hard noodig, Thomas. We leven nu in een tijd van sport en van gezondheidsleer. De menschen van onze generatie hebben hun lichaam te veel verwaarloosd. Jij moest eens, nu het voorjaar wordt, lange fietstochten gaan maken, wat gaan hengelen aan de Kralingsche plassen met vader, dat zou je goed doen."

„Als dat noodig wordt, zal ik daar wel eens over gaan denken, voorloopig heb ik er nog geen behoefte aan."

„Maar ik vind, dat je nu en dan nog al bleek ziet."

„Kom!"...

„Heusch"... Dat voorjaar, een mooien Zaterdagmiddag in April, waren ze met zijn drieën een uitstapje per fiets gaan maken en tegen den avond in een uitspanning bij de Kralingsche plassen gezeten, toen, tegen dat zij zich gereed maakten om den terugtocht aan te vangen, Thomas' aandacht getroffen werd door het luidruchtig gesprek van drie personen. Zoo vernam hij ondermeer uit hun woorden, dat een hunner juist een dag te voren met de Holland-Amerikalijn uit New York teruggekomen was, en Thomas wenkte Carolien en zijn schoonvader, nog wat te wachten en hem even dit gesprek te laten afluisteren. Het noemen van een hem welbekenden naam deed hem opeens den luistervink spelen. Hij vernam daar van den uit Amerika teruggekeerde, die al maar het woord had, iets over een musicus, voor wien allerlei lui aan boord zich geïnteresseerd hadden, wijl deze, naar hij iedereen meedeelde, een erfenis van vijftigduizend dollar ging incas-