is toegevoegd aan uw favorieten.

Dokter Heldring's groote conflict

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en plooien als die van een verwaarloosd oud paard. De koelie hurkte neer en Bernard hurkte neer tegenover hem en zoo zaten ze elkaar dan aan te staren.

Maar op een keer toen hij voelde, dat hij dat zoo niet uithouden kon, liep hij naar binnen en haalde z'n mooie gekleurde bal. „Voor jou," zei hij en duwde de koelie de bal in z'n handen. De koelie keek er even verwonderd naar. Toen kwam er een blijde grijns op z'n gezicht. Hij liet de bal over den grond rollen, greep hem weer en liet hem op en neer tikken; en was zóó in het spel verdiept, dat hij den chinees vergat. Daar de koop gesloten was, riep die hem met een schop tot z'n taak terug. „Ajo, binatang,x) ik ben klaar." Met een snellen blik op de baboe, schoof de koelie handig zijn lichaam tusschen haar en den bal en liet dien toen met aapachtige vlugheid onder z'n hoed verdwijnen.

Nog lang keek het kind hen na; hoe de koelie telkens even stilstond om het juk op den anderen schouder te verleggen en dan weer draven moest onder z'n onmenschelijken last om den vief stappenden chinees in te halen.

Dien dag liep hij rond of hij het koud had, de tengere schoudertjes hoog opgetrokken.

„Wat voel je toch aldoor aan je schouder?" vroeg zijn vader hem aan tafel. „Heb je daar pijn?"

Het kind schrok bij z'n vaders harde stem en zei beschaamd, dat hij geloofde van niet.

In de dessa beneden was een krankzinnige. Gewoonlijk was hij rustig en liep rond zonder iemand te hinderen. Maar als hij z'n wilde buien kreeg, bonden de dessalieden hem vast, sleepten hem naar de heuvelhelling en sloten hem op in een bamboehut daar, die niet veel meer was dan een kooi. Daar brulde en tierde hij, tot hij eindelijk uitgeput neerviel. Bernard, zwervend over de heuvels, was

') beest.