is toegevoegd aan je favorieten.

Dokter Heldring's groote conflict

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ze glimlachte om z'n trouwhartig gezicht. „Je bent een schat/' zei ze warm en streelde hem over z'n wang. Dat was alles wat hij uit haar kreeg.

Een week was voorbij gegaan. Voor den spiegel in haar slaapkamer staarde ze in een spookachtig bleek gezicht. „Vanavond," zei ze zichzelf, „vanavond moet het gebeuren. Ik zal krankzinnig worden als ik nog langer hiermee rondloop en dan ... Wat zal er gebeuren als ik krankzinnig word? Ze zullen me opsluiten in een gesticht en iedereen zal het weten. Dan laat ik Bernard alleen achter met mijn schande; hij zal beklaagd en bespot worden. Dat zou nog de grootste trouweloosheid zijn."

Ze bette haar oogen aan de waschtafel en ging terug naar de kamer waar de kinderen aan tafel zaten.

„Eet nu door, Geetje," zei ze mat, terwijl ze ging zitten tusschen hen in, „jullie mogen zoo meteen naar Oma gaan en daar blijven slapen."

„Je eet zelf niet," merkte Hansje verontwaardigd op. „Waarom bij Oma slapen?" vroeg Gerard, „Geetje wil

liever bij jou blijven."

Ze drukte haar servet tegen het gezicht. Dat ze dit ooit had kunnen vergeten; haar kinderen en hoe erg ze haar

noodig hadden.

„Waarom huil je, mamma," kwam Hansje naast haar

en drong zich tegen haar aan.

Ze schoof haar stoel achteruit en trok het kind met een hartstochtelijk gebaar op haar schoot. Hij sloeg de armpjes om haar hals en drukte z'n gezichtje tegen haar natte wangen.

Geen scène, om godswil geen scène, nu bij de kinderen, was haar eenige gedachte.

Een warm knuistje groef zich een vertrouwelijk nestje