is toegevoegd aan uw favorieten.

Doolhof

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn haar laatste woorden toch niet verwijtend bedoeld: eerder vriendelijk?

Met Peggy wist je 't nooit. Haar stemmingen wisselden tien maal per dag en nooit kon hij de uitwerking berekenen van zijn woorden, waarvan hij voelde dat zij soms op de vreemdste, onredelijkste wijze werden uitgelegd. En dikwijls i s hij onhandig geweest.

Welke eigenaardige kwelduivel (maar zoo t er een is, kwelt die hemzelf toch het meest) brengt hem er toe soms woorden te kiezen die een geheel ander, vaak caricaturaal beeld geven van zijn eigenlijke bedoeling? Hij herinnert zich eenige weken geleden zijn uiting over de liefde, die in een leven wel veel, maar niet alles beteekent. Was die waarheid niet te wrang voor haar jeugd? — en erger: heeft hij daarmee niet een weg afgesloten — gebarricadeerd tenminste een weg die toch nog open lag tusschen hem en haar?... En dienzelfden avond heeft hij, toen zij hem meedeelde dat zij uitging, in onbeheerschte bitterheid geantwoord: „Ga maar, ik ben toch t gelukkigst al leen." Hoe heeft zij dat opgenomen? — En was 't wel de waarheid die hij zeide? Is elke waarheid niet beperkt en betrekkelijk? en beteekent zulk een waarheid in een zekere periode van het leven niet een leugen? Hoe kon hij zeggen dat de liefde maar een deel was van zijn leven, waar die liefde alles doortrok, al zijn gedachten en daden richting gaf en zelfs zijn werk doorgeurde met een soms bittere, bijwijlen verrukkende en altijd domineerende geur?