is toegevoegd aan uw favorieten.

Rood paleis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

volgende ochtend bestierf ik het haast van \ schrik. Want in het andere bed lag een ont- 1 zaglijke zwarte reus, een kerel meters en meters lang. Hij deed me gelukkig geen 1 kwaad, hij stond op en liep met gemak die ] eerste ladder naar boven. Ik tuimelde van de t matras, holde naar buiten en was toen op- " eens omringd van zwarte reuzen. <

Nu zal ik jullie zeggen hoe dat kwam. Ieder i mensch wordt overdag een heel klein beetje i kleiner en 's nachts weer langer. Dat merk i je niet, maar het is toch zoo. Datzelfde had- ■ 1 den nu die menschen ook, maar dan vergroot | i in het ontzaglijke. Ze waren bij het opstaan 11 reuzen, maar in de loop van de dag slonken i ] ze tot dwergen. Toen ik na een uur mijn i ■ gastheer terugzag vond ik hem al een stuk ; i kleiner... 1

Henri Leroy vertelde door over de verwikkelingen die de veranderlijke lengte van die menschen in hun leven meebracht, de meisjes luisterden stil. Kaas en wijn waren vergeten. De komst van mevrouw Doom, de beroemde entree van half elf maakte aan de vertelling een eind.

Het was tamelijk vol geworden. Chabran had het verhaal niet geheel mogen volgen, ze was weggeroepen. Henri keek rond om te zien of er gasten bijgekomen waren. Hij

.