is toegevoegd aan je favorieten.

Rood paleis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ze waren gemaakt door menschenhanden. Toen er een bui begon te vallen zeulden de maker en zijn helper ze dadelijk in de tent. Ik hoorde dat ze in den regen direct zouden roesten, en dat ze dan stierven. Later, in de avond, kwam ik d'r nog es terug. Toen had de man die ze geschapen had er twee aan het vechten weten te krijgen. Daar had ik wel uren naar kunnen blijven kijken. Ze vochten op een sloome en zware manier, hun oogen straalden vuriger en rolden langzaam door hun hoofd, en als ze mekaar hadden weten te raken hoorde je het ijzer galmen, en dan zag je in de schemering de vonken vliegen uit hun schouders of hun borst . . .

Hij hield ouder gewoonte op, want het sloeg half elf. Maar hij hoorde niet het klaroenen van het misbakseltje, en mevrouw Doom bleef onzichtbaar. Het leek of de meisjes minder overgegeven luisterden dan anders. En in dit eigen oogenblik kwam het hem, met de helderheid van zijn denken door zijn sterk geprikkelde fantasie weer in de gedachte, — hetzelfde wat hem tevoren dien i avond had overvallen. Zat er iets in de lucht, was er iets op til, begon misschien een nieuwe tijd te krieken?

Hij keek de zaal rond. Het was leeg gebleven, ] ondanks de beide negerinnen. En het scheen