is toegevoegd aan je favorieten.

De verborgen dissonant

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

121

getrapt. Ze was blij, dat het zoo kwam, ze heeft het er op aangelegd.

Hélène snikte.

— Daan, jij bent een braaf mensch, mijn vader hield veel van je, dat herinner ik me en Willem bewonderde jouw eenvoud en openhartigheid... Daan, Daan... er is geen God... waarom moet een mensch dat beleven... O Daan, wanneer ik durfde...

Daan Kolsté dacht aan zijn kinderen.

Toen moest hij zich vol openbaren.

Een floers trok voor zijn oogen; hij dacht aan Hélène's onstuimigen vader van wien hij meer het graf zou innemen dan ooit één mensch vermoedde. Het maakte hem totaal murw.

Ontroerd schoof hij op zijn stoel heen en weer.

Hij ging weer vloeken.

— Potverdrie... allemachtig... sapristi... straf achter elkaar sloeg hij driftig op de fijne tafel, die nabibberde.

— Hélène... meid... beste meid... hou je taai, bliksekaters...

Daan trok haar op een stoel vlak voor zich, nam haar hand.

— Ja, Hélène, ik weet je leed, al sprak ik er nooit over.

— Jij en Theo hebben er samen over getobd? vroeg ze.

— Ja, zei Daan.

— Heeft Theo nog meer gezegd? zeg het me, zeg het me toch Daan, smeekte zij hartstochtelijk.

— Zul je dan rustig zijn en... en... je gezondheid