is toegevoegd aan je favorieten.

Nachtvorst

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

staan. „Was het wel zoo voorbeeldig, dat huwelijk..." En dan brak er een zenuwachtig druk gepraat en hoofdgeknik los. „Ja, ja, het was voorbeeldig, het was voorbeeldig!" En Ida van Stuyvesant die nooit aan de onderhavige vraag toe was gekomen en natuurlijk ook niets van dit gesprek had vernomen, herhaalde den volgenden dag, eenzaam gezeten op de kanapee van haar huiskamer, ook zenuwachtig en hartstochtelijk: „Ja, ja, het was voorbeeldig, voorbeeldig!" Ze huilde om dat voorbeeldig geluk, dat thans voorbij was, zoo lang en smartelijk, dat de familieraad besloot, dat ze moest gaan reizen, opgeven het huis in B. met zijn drie verdiepingen en de groote salons, die ze voorloopig toch niet zou gebruiken; haar meubels opstallen moest ze en reizen. Waartoe de weduwe niet wilde en niet kon besluiten omdat ze zich verbeeldde, dat elk bibelot op de laktafeltjes, elke draperie, elk portret op den schoorsteen haar als herinnering dierbaar was. Ze waren haar zeker dierbaar, die dingen, zoodra de dood van haar man tot haar doorgedrongen was, doch niet uitsluitend als herinnering, maar omdat ze moesten medehelpen een raadsel op te lossen, ze moesten haar antwoord geven op een vraag: Wat was dat toch geweest tusschen haar man en haar, wat voor vreemd iets had er tusschen hen beiden bestaan, dat ze zich niet meer te binnen kon brengen, zoomin als ze zich de pijn wist te herinneren van de geboorte van Arty? Ze kon niet weg uit dit huis, waar ze haar huwelijk had geleefd, voor ze wist, wat dit toch voor avontuur geweest was, wat haar aan haar man had gebonden. Verliet ze dit huis, dan was de laatste kans weg, vreesde zij, dat ze dit geheim nog ooit zou ontsluieren.

Alle herinneringen aan Herman vloeiden samen tot éénzelfde beeld. Ze zag zich liggen, of het nu was op bed of