is toegevoegd aan uw favorieten.

Nachtvorst

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelen. Hij luisterde naar den zwaren tred, waarmee deze door de kamer heen en weer liep. Zelfs ving hij de eerste maten op van een lied, dat onmiddellijk verstomde alsof de zanger zich bedacht had. Er was een spinnetje, dat zich van een palmblad omlaag liet zakken. De draad glinsterde in het licht. Arthur keek ernaar. Hij was nog nooit zoo geladen geweest van geluk, het verbeiden van het heerlijke klopte hem in de keel. Toen gebeurde datgene, waarop hij gewacht had. De logeerkamerdeur ging open en mijnheer van West in zijn regenjas, over een donker badpak heen geslagen, stapte de gang in. „Zoo zit jij daar," lachte de groote man en de rrr rolde nog even na door de hooge zonnige gang van het ochtendlijke huis. „Ben je altijd zoo vroeg op? En heb je al gymnastiek gedaan?" De jongen wist niet wat te antwoorden. Hij begreep niet eens wat gymnastiek was. „Kom maar binnen, dan mag je me helpen. Als we klaar zijn met koffers uitpakken zullen we samen gymnastiek doen." De inhoud van zijn koffers lag over tafel en stoelen verspreid, al die manachtige dingen, die Arthur, tusschen vrouwen opgevoed, niet kende en die daardoor een groote aantrekkingskracht op hem uitoefenden. „Hier, vang op," zei mijnheer van West en gooide hem zijn zakmes toe. „Is dat niet mooi?" Hij mocht de mesjes en schroevedraaier en kurketrekker uit elkaar buigen zonder iets van de vermaningen te moeten verduren, waarop zijn moeder hem onthaalde, zoodra hij in de buurt van een mes kwam.

Er was nog een kwartier heen en weer geloop van den man in zijn badpak (zijn regenjas had hij uitgegooid), terwijl het jongetje hulpvaardig kwam aandragen met scheerapparaat, borstels, boeken en kleeren.

„Gaan we nu gymnastiek doen?" vroeg het kind telkens