is toegevoegd aan je favorieten.

Van aangezicht tot aangezicht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

prachtig helder, maar wat daaronder rondspookt, nu.... dat moet dan des te troebeler zijn!"

„Je bent wel hartelijk!"

„Je speelt verstoppertje met jezelf. Maar dat zal niet zoo heel lang duren. Ik heb genoeg vertrouwen in je levenskracht. Voor je het weet, zal die doorbreken en al je prachtige helderheid verstoren." „Maar de zonde, waar je het over had?"

„Niemand kan buiten de zonde. Als je beweert, dat jij de zonde buiten je leven hebt gesteld, dan zul je in elkaar storten als een muur van steenen, die niet op elkaar gemetseld zijn."

Coert zweeg plotseling. In Nico's gezicht was iets veranderd. Hij staarde zijn vriend aan, alsof die hem een geheim had geopenbaard.

Kort daarop nam Nico afscheid en maakte een vage afspraak om de volgende week terug te komen.

Toen Nico buiten kwam, regende het. Een geur van vochtige bladeren woei hem tegemoet, terwijl hij snel de straat uitliep. Daar was weer datzelfde gevoel van verwachting. De huizen keken hem aan met een gezicht. De boomen bogen zich naar hem toe en ritselden een woord, dat hij niet verstond. Hij haalde diep adem en wist, dat hij vol was van een verlangen om te leven, zooals hij het als jongen wel eens had gedroomd. Reizen, door vreemde landen trekken, in veilige eenzaamheid met een schroeiend heimwee, dat ongeneeselijk was. Hij zag zich aan boord van een schip; het maanlicht glansde over het dek en de zee glinsterde tot heel ver. Er zweefde een