is toegevoegd aan je favorieten.

Van aangezicht tot aangezicht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nico tuurde gespannen naar Grootmoeder's gezicht. Zou het waar zijn? Zou Grootmoeder een portretje hebben van Lucie?

„Wacht eens, riep Grootmoeder. „Hier heb ik het. Net zooals ik zei, met haar dochtertje van anderhalf jaar."

Daar stond Lucie voor hem! Anderhalf jaar oud, stond zij, met een rond kapertje boven haar kindergezicht op een stoel, vastgehouden door haar moeder, die zich half over haar heen boog. „Grootmoeder!"

De oude vrouw hoorde hem niet, zijn stem klonk ook zoo heesch en zacht; zij praatte verder over Nico's vader, over de zusters van Grootvader Onnes en werd niet moe, in het album te bladeren. Nico herinnerde zich niet, dat zijn moeder ooit den naam Gheel had genoemd; het was een meisjes vriendschap geweest, die later waarschijnlijk vergeten was geraakt. Maar toch.... daar was het oude vergeelde stukje karton, waarop haar moeder en de zijne arm in arm hem toelachten.... of zij beiden toen al wisten, dat later hun kinderen elkander zouden ontmoeten.

In een oud huis aan een kade huurde hij kamers. Diezelfde week schreef hij verschillende brieven. Na weken van vergeefsche omzwervingen scheen zijn leven weer in vaste banen te glijden; hij kon Lucie nu zijn adres melden en haar vragen, hem te schrijven waar zij was.

De groote stad schetterde als een luid orkest om hem