is toegevoegd aan uw favorieten.

Van aangezicht tot aangezicht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

men en zijn handen tot vuisten ballen. Bijna had hij Coert in zijn gezicht geslagen. Zij hadden samen dat plannetje op touw gezet, Marianne en Coert, en Coert kreeg nu zijn zin: Anneke kwam bij Marianne wonen. Daar had hij Nico nu niet meer voor noodig. In dat huis, waaruit hij gevlucht was, het huis waar nooit kinderstemmen zouden klinken, — dat hadden Marianne en hij elkaar gezworen — daar zou nu Anneke's figuurtje rondspringen, daar zou toch een kort manteltje aan den kapstok hangen, daar zou toch speelgoed in de kamers slingeren.... Met groote stappen ging Nico verder. Hij had dit kunnen verwachten; het was vreemd, dat hij er niet eerder aan had gedacht. Hij moest blij zijn voor Marianne, nu zij een bestemming had voor haar dagen. „Het lijkt wel, of je het mij kwalijk neemt, Nico," merkte Coert kalm op.

Nico snoof.

„Welnee.... wat kan ik jou nu kwalijk nemen. Het ligt eigenlijk voor de hand. Ik moet het even verwerken. Dat is alles."

Zij namen spoedig afscheid, zonder een afspraak te maken, om elkaar nog eens te zien voor Coert naar Indië vertrok. Nico stommelde de trap op naar zijn kamer, kleedde zich haastig uit en viel in bed. De hoofdpijn belette hem te slapen, hij woelde heen en weer, luisterend naar den wind, naar een scheepssignaal op de rivier. Hij maakte licht en haalde den brief uit zijn jaszak. Nu las hij rustig, woord voor woord, wat Lucie hem schreef over het huis in de Betuwe waar zij nu woonde, over haar huisgenoo-