is toegevoegd aan je favorieten.

Twaalf vertellingen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en kleine vlammetjes, goud en tintelend, alsof 't de sterren van den hemel zijn.

,,Kon Hanneke dat eens zien !"

God weet het, hoe ze dat schaapje maar niet vergeten kan, dat arme zieltje, 'n Eenig dochtertje, 'n rijkemans kind, en toch meer te beklagen dan de zieltjes in de vreemde landen. Want die worden gezocht en gered door den Hemel. Maar zoo'n kind van stadslui, uit een huis vol rijkdom maar zonder God, daar mag geen priester naar omzien... Zoo'n kind als Hanneke, mooi als een prinsesje uit haar prentenboek, dat had nooit van iemand een woord over het eenige en eigenlijke van Hemel en aarde gehoord. Tot zij haar dat liedje voorzong. Dat was als dauw op een dorstig bloempje, ze zag 't wel en waagde 't er op nog wat verder te gaan, over 't kindje Jezus... Heel, heel voorzichtig. Maar tochal te veel. Want opeens had mevrouw geen huisnaaister meer noodig in het nieuwe jaar... Zoo werd haar de missie afgesneden in de Van Boogerdlaan. Maar te blijven bidden voor den stumperd, dat kon niemand haar verhinderen. En dat hield ze vol 't jaar om, en zal ze volhouden, zij, misschien de allereenigste op aarde, die juist voor dat eene zieltje bidt. — „Jezus, die zelf een kind was.