is toegevoegd aan uw favorieten.

Het witte doek

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maleen was verbluft. Ze wist niets beters te doen, dan die beleefdheid met een glimlach te beantwoorden. Knikte toen tegen den gemaal, die — haar bedoeling begrijpend — hoffelijk boog en zich toen weer tot den gastheer wendde in heftig betoog. Zijn machtig hoofddeksel deinde mee met iedere driftige beweging. Zijn beenen wijd uitgeplant, op elke krachtige dij een bruine vuist, zoo zat hij daar, — breed, geweldig.

Maleen trachtte iets op te vangen van het gesprek. Het scheen te gaan over de opsporing van een voortvluchtigen opstandeling. Maar juist, wanneer ze iets belangrijks meende te hooren, dempte de Aroe zijn stem en ging half fluisterend voort.

Plotseling verbaasde hij haar door een onverwachte vraag in 't Hollandsch: „Weet u Kléo de Mérood? Dat is mooie vrouw."

Het kwam er zoo zot uit, dat Maleen niet dadelijk wist te antwoorden.

„De Aroe interesseert zich voor mooie vrouwen", kwam Jim te hulp. „Hij hoopt nog eens naar Europa te gaan". —

Hoe lang bleven al die menschen hier nog zitten, verzuchtte Maleen in stilte. Ze verlangde eindelijk eens tot bezinning te komen in de rust van haar kamer, waar Emy reeds lang lag te slapen.

Met veel buigingen en strijkages waren de gasten vertrokken. Jim gaf den Boegineeschen bediende enkele bevelen voor den volgenden dag en verdween toen in zijn kantoor om nog wat te werken. Eindelijk was het stil in huis.

Ook in de slaapkamer was het stil. Maar onrustig klopte Maleens hart. Hier was ze dan in het nieuwe leven, den eersten nacht in eigen woning. Eigen woning? Hoe weinig eigen leek alles tot nu toe. Daar lag haar kind in diepen slaap, droomend misschien van den voorbij geganen dag. Hier had ze 't gebracht, in dit vreemde land. Zoo'n kindje nam je maar op en bracht het hierheen of daarheen naar eigen goeddunken. Eigen goeddunken? Wat had ze anders kunnen doen? Ze was nu toch thuis,

bij haar man? Bij haar man Wat had hij? Wat hield hem

bezig, zoodanig bezig, dat hij feitelijk hen over 't hoofd zag? Ze begreep het niet. Misschien zou ze het over een poosje verstaan.

Nu maar probeeren te slapen. Morgen kwam er weer een vermoeiende dag.

i

Het witte doek

11