is toegevoegd aan uw favorieten.

Anoniem

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN WESPENSTEEK

werkt had en dientegevolge zijn ontslag had moeten nemen. De couranten hadden waardeerende woorden aan hem gewijd en, bij zijn afscheid uit den dienst, was hij gedecoreerd.

Terwijl al deze zaken, de een na de ander, uit het verleden voor mij oprezen, was het niet meer dan natuurlijk, dat ik nu en dan een blik op mijn landgenoot wierp. Het is mogelijk, dat dit wat vaker geschiedde dan gebruikelijk is, en dat hij het daarom spoedig bemerkte, hoewel het niet in mijn bedoeling gelegen had, dat hij dit doen zou.

Ik zag hem een paar maal met gefronste wenkbrauwen onzen kant opkijken en toen -— plotseling — verschoof hij zijn stoel met een ruk, zoodat hij mij den rug toekeerde. Hij had daarbij teekenen gegeven van een ongeduld, dat door de vrij onschuldige omstandigheid dat ik hem nu en dan aangekeken had, zeker niet gemotiveerd werd. De wijze, waarop hij ons den rug toekeerde en het gebaar, dat hij daarbij maakte, hadden inderdaad iets beleedigends.

De verpleegster, die in zijn gezelschap was, wierp een wat angstigen blik naar ons tafeltje. Waarschijnlijk ontdekte zij onmiddellijk, dat het zonderlinge gedrag van den man ons opgevallen was: mijn gezicht zal wel de sporen gedragen hebben van verbazing daarover.

Ik zag, dat zij even — schier onmerkbaar — de schouders ophaalde en de wenkbrauwen omhoog trok, hetgeen — in woorden overgezet zijnde — blijkbaar beteekende: neem het hem niet kwalijk, hij is niet heelemaal aansprakelijk voor wat hij doet."