is toegevoegd aan uw favorieten.

Anoniem

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZUSTER AMMENS

De heer De Blok zat nu alleen in het zomerhuisje. Nu en dan liet hij een zacht gekreun hooren: blijkbaar had hij veel last van zijn mond, hetgeen werkelijk niet te verwonderen was.

Zuster Ammens had plaats genomen aan Maud's tafeltje. Zij had er reeds voor gezorgd, dat er een kamer vrijgehouden werd, om haar patiënt onmiddellijk na mijn terugkomst te kunnen behandelen; en zij was vol lof over den spoed, dien ik gemaakt had.

„U moet zich de dingen, die meneer De Blok zegt, vooral niet aantrekken" — zeide zij. „Het is mij natuurlijk niet veroorloofd U omtrent zijn toestand volledig in te lichten, maar dit kan ik U wel zeggen, dat hij overspannen en naar hier gekomen is om rust te vinden."

,,Ik heb vroeger, in Den Haag, wel eens met hem te doen gehad" — zeide ik. „Toen was hij nog in de beste gezondheid en hij stond bekend als een werkzaam en energiek man."

Zoowel de verpleegster als ik hadden bij het wisselen van deze woorden onze stem tot den fluistertoon doen dalen, want het was natuurlijk niet de bedoeling, dat de man, die het onderwerp van ons gesprek vormde, ons verstaan zou.

„Hij heeft li blijkbaar niet herkend" -— zeide zij.

Ik schudde het hoofd.

„Ik zou U aanraden, hem maar niet aan te spreken" -— zeide zij. „Tegenover halve bekenden gedraagt hij zich soms nog zonderlinger dan tegenover vreemden. Maar ik mag niet langer wachten