is toegevoegd aan uw favorieten.

Anoniem

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BEDREIGINGEN

mij nu niet alleen om, maar sprong tevens op, want ik moet bekennen, dat ik niet weinig ontsteld was.

Achter mij stond De Blok.

Voor zooverre ik zien kon, stond zijn gezicht zeer ernstig. Het scheen niet in zijn bedoeling gelegen te hebben, mij te verschrikken. Eerst toen hij mijn gezicht zag, scheen hij te begrijpen, dat dit het geval geweest was.

,,Ik vraag U om vergeving, als ik U heb doen schrikken" — zeide hij. „Van hieruit voert een smal zijpad steil naar boven op het plateau, zonder de beek meer over te steken. Dat is de kortste weg en dien heb ik gevolgd."

HOOFDSTUK IV.

Bedreigingen.

Dat De Blok mij had kunnen naderen, zonder dat ik daarvan iets gehoord had, was voornamelijk toe te schrijven aan de omstandigheid, dat hij schoenen met rubberzolen droeg.

„Wij kunnen op deze bank wel plaats nemen" — zeide hij. ,,Op dezen tijd van den avond komt hier zelden iemand, maar, als er iemand komen mocht, kan hij ons niet ongemerkt naderen."

,,En Uzelf dan? Ik heb van Uw nadering niets gemerkt!"

Hij antwoordde niet, maar lachte even. Toen vestigde hij, nadat hij plaats genomen had, mijn aandacht op de zolen van zijn schoenen