is toegevoegd aan uw favorieten.

Dorp aan de rivier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Kijk, zei hij, mij zal het niet schaden, want ik ben tegen ongevallen verzekerd bij de maatschappij Moira.

Willem van Oijen, die stond daarbij, hij zei:

— Wat zegde ge daar? Hoe noemde ge die maatschappij ?

— Moira!

Groote God, wat een naam! Willem van Oijen vergat zijnen heelen reiziger en diens gebroken been. Hij had den man de polis uit de handen gevat en was er meé in een hoekske gaan staan. Daar had hij stil op een stuk papier den naam overgeschreven. De doktoren in 's Hertogenbosch, bekwaam in het snijden en in het zetten en in alles wat ge maar wilt, die konden met dien gebroken, zwervenden poot doen, wat zij wilden, Willem van Oijen had geen tijd om daaraan te denken of daarnaar te vragen. Hij was van iets anders vervuld. Hij ging den volgenden morgen naar van Gerwen, die met zijn twee zoons het schildersvak uitoefende in het dorp. Van Gerwen kwam zelf, hij schilderde een nieuw uithangbord, de koffiekan werd weggestreken, van nu af aan stond er op dit uithangbord: café Moira.

Moira! Het is om het noodlot te tarten en te bezweren, maar ge bezweert het niet. Het kwam huishouden in verschillende slagen, de eerste die viel, dat was de jonge Willem van der Aa, die zijn ongeluk kreeg toen hij met de postkoets van die dagen