is toegevoegd aan uw favorieten.

Dorp aan de rivier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

T

lijk niet meer wegblijven, nou möète ge kommen. Ik heb het kiendje de poeders ingegeven, maar het haalt niks uit. Het doet hoe langer hoe aardiger. Het houdt zijn oogskes dicht en zijn lijfke wordt grif blauw. Kom toch in Gods naam. De vrouw heeft gezegd, dat ik u mee möèt brengen. Ze zit zoo aan te gaan. Ons kiendje sterft.

— En ge hebt het toch eerst dat drankje ingegeven ?

— Ja, mijnheer den dokter, maar het haalt niks uit, ge möèt kommen!

— En daarna een poeder, zooals ik zei ?

— Ja, mijnheer den dokter, maar het helpt niet, ge moet kommen!

— Kijk eens, man, blijf nu kalm en schreeuw niet zoo noodeloos, want ik versta u toch wel. Omdat nu uw kindje ziek is, behoeven alle bewoners van den Maasdijk nog niet een slapelooze nacht te hebben. Dus dat drankje en die poeders, dat is in orde?

— Ja, mijnheer den dokter, maar ....

— Goed. Kijk, dan gaat ge nu naar huis. Ge neemt wat lauw gekookt water, daar doet ge een eetlepel van het drankje in èn een poeder, ge wacht tot het opgelost is en dan geeft ge dat aan uw kindje en dan wordt het beter. Maak u over niets ongerust en zeg tegen uw vrouw, dat ze zich niet overstuur maakt. Zóó zijn kinderen doodziek, en zóó zijn ze springlevend. Morgen is uw kindje beter.