is toegevoegd aan uw favorieten.

Dorp aan de rivier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over hem, misschien waren ze niet zoo erg berouwvol, zij keken nieuwsgierig hun vader aan en keken gewichtig om de plechtigheid van het oogenblik De vader zei, na een langdurige stilte:

— Veertien dagen water en brood!

Dat hadden ze er graag voor over, ze berustten er zeker in, dat water en brood gezond is voor jongens. Dokter van Taeke liet de jongens weggaan, maar den oudste hield hij even bij zich.

— Hoe hebben jullie die bom gemaakt?

Hoe ze die gemaakt hadden? De jongen zijn gezicht klaarde op, het lichtte ineens zoo helder in zijn oogen. Rad en opgewonden vertelde hij het. Ze hadden formules en berekeningen op papier gemaakt, ziet u, het móést lukken, hebt u den slag niet gehoord? De jongen was dankbaar voor deze vereerende en vleiende belangstelling van zijn vader. Hij ging heen en at met vreugde zijn sober brood en dronk met smaak zijn sober water.

Na de eerste sneeuw zet de wind zich in het noordoosten vast, op een avond gebeurt het in alle stilte op de ruiten, een draad fonkelt, een andere schiet er door heen, staat, buigt zich neer. Nieuwe draden vloeien hem tegemoet, grijpen ineen, haken zich in elkander als de strakke garens op den gang van het schietspoel. Tusschen de draden siddert en trilt het van glinsteringen. De klare morgen, rein en rood,