is toegevoegd aan uw favorieten.

Dorp aan de rivier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weer geschikt worde. Dit is het gebed, dat de kerk voor haar heeft gebeden. Op straat spreken de menschen met elkaar over mevrouw van den dokter. Bij den bakker en bij den winkelier werd er over haar gesproken. Zij spraken over haar in café Moira. En op de veerpont stonden menschen bijeengetroept en vroegen en spraken over haar. Zij was nu teruggebracht uit den Bosch, waarom had dokter van Taeke dat gedaan, hij wilde haar bij zich hebben. Hij wilde zelf voor haar zorgen, een zuster was meegekomen om haar te verplegen. Nu waren er boeren, die gingen zand graven, er waren andere boeren die kwamen met karren, die kwamen dit zand afladen en stil strooien voor het huis van den dokter, het werd over een groote lengte over den dijk gestrooid en zeer dik, opdat het stil zou zijn en er geen geluid van de straat in huis zou doordringen. De sleepers en stoombootjes in de Maas dempten de geluiden, de stoombootjes hielden hun schreeuw in als zij van den loswal vertrokken. Sjef de Smid kwam vragen, of het gehamer in zijn smidse niet tot hier doorklonk, dan zou hij niet meer smeden. De wind ging liggen. En Brammetje Peccator ging ter beevaart naar de zoete lieve vrouw van den Bosch, daar in de kapel, zat hij met zijn gerimpelde Zondagsche jas en in zijn gekreukte Zondagsche broek en zijn bestofte schoenen, hier was goed schemerlicht, hier geurden bloemen en Brammetje ontstak een offer-