is toegevoegd aan uw favorieten.

Dorp aan de rivier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het moet ook niet te lang duren, dat hij hier zitten zal. Hij moet nu al een beetje verschuiven. Hij laat de handen van den muur los en zoekt een steunpunt op den vochtigen balk. Cis den Doove is niet zoo vies uitgevallen, van twee kwaden moet ge het minste maar kiezen, als ze hem hier niet krijgen, dan is alles gewonnen, hij zal zich thuis wel eens goed wasschen. Als hij in zijn gebukte houding moeilijk en pijnlijk zit, denkt hij er niet lang over na. Hij laat zich een beetje doorzakken, hij gaat met zijn gat rechtstreeks op den balk zitten, laat de beenen langs den balk bengelen en houdt zich nu veel gemakkelijker vast. Hij zit, alsof hij op een stoel zit.

Maar Thijs van Erpen in het café heeft inmiddels bezoek gekregen van twee wachtmeesters uit Oss in hun donkerblauwe jas en lichtblauwe broek, met camassen om de beenen, met de schoon tressen van koord op de borst en het stijfleeren krakende revolvertaschje op de heup. Zij salueeren voor Thijs tegen hun hooge uniformpet, vanwege den dienst. En de een zegt met een indrukwekkende baritonstem:

— Wij hebben hier Cis den Doove zien binnen loopen.

Thijs vouwt er zijnen krant voor dicht en zet er zijnen bril voor af.

— Cis den Doove?